|
|
|
|
1 Van Seattle naar Royal City Hoi daar, eindelijk een bibliotheek met computer. We leven nog en dat is al een hele opluchting voor een hoop ivm. de erf rechten oid!! Dinsdag 7 juli kregen we eindelijk iets zekerheid over dat we de motoren zouden kunnen krijgen. De customs waren bang dat we ze wilden verkopen. Hoe komen ze erbij! We gingen daarom het plan vatten om vast naar Five te vertrekken. Five is een town tussen Seattle en Tucoma in. Het staat niet op onze kaart en op veel kaarten die we zagen stond het ook niet. We ontdekten het echter en dachten dat is nog ver weg, dus laten we daar maar vast in de buurt gaan zitten. Het hotel waar we zaten was vlak bij het vliegveld en we zagen een busje van de Travellodge bij het vliegveld. Dat bleek echter een andere Travellodge te zijn. We lieten ze bellen door ons hotel en vroegen hoeveel een taxi rit erheen kosten. Dit ivm de 60 dollar die we bij Hassan de snorder kwijt waren om olie te halen. Ze vertelden ons dat het 30 dollar zou kosten. We werden op dinsdagochtend opgehaald door de taxi met een andere Hassan aan boord. Deze kwam uit Somalië en was leraar volgens eigen zeggen. Hij zette wel de meter aan en die ging al ruim over de veertig heen. Toen we er naar vroegen verzekerde hij ons dat 30 was afgesproken. Dat betaalden we en we belandden in een hotel, Travellodge dat door een Indiaase familie werd gerund. Uiterst vriendelijke mensen en daar mailden we het eerst. Woensdagochtend belden we naar Ginny. Yes , we konden de motoren ophalen. Wij hadden de loods op het gegeven adres al opgezocht op Google. Maar......... We moesten ze ophalen in ........Seattle. !!!! Potverdorie, om het maar eens netjes te houden! Nu kwam Hassan weer ter sprake en die wilde ons ernaar toe rijden voor $50. Goed doe maar. We lappen dit allemaal wel. We rijden, rijden een paar keer verkeerd en draaien nog eens. ik zie de naam van het bedrijf, we rijden er langs. 3 Straten verder keren we toch en gaan naar Mercer. Ja hoor, buiten staan ze al onze twee kratten te openen. een man is bezig de zijkant van de krat af te halen. Dat moet niet maar zo bijdehand was ik toen nog niet en hij was er bijna af. Toen hij met de 2de zijkant wilde beginnen zij ik 'm dat dat niet hoefde. Oké, zei hij, dat scheelt veel werk. Ik ondertussen de bindriemen en de sloten los halen terwijl hij Ingrids motorkrat ging openen. We haalden eerst Ingrid d'r motor eruit en daarna de mijne. Hassan bleef kijken en bood me nog een pleister aan toen ik mee sneed aan het scherpe ijzer. Benzine en pompen, het is weer allemaal wennen en dat is moeilijk. Hassan wachtte op ons en een paar keer ging de Liberator van Veerle uit , want je moet wel aan zo'n ding wennen. Ik heb hem intussen toch al wat keren aangetrapt maar die keren verdwijnen. Over de Interstate naar Federal Way gereden. Daar waren Veerle en ik gisteren geweest en we kenden de weg daar. Die was een stuk rustiger dan die Interstate racebaan. Hassan was al een tijd verdwenen. We reden te langzaam voor hem. Bij het hotel aangekomen konden we al onze opgeslagen zaken pakken en rustig aan opbinden. We wilden vandaag nog vertrekken. Onze bestemming zou niet naar het noorden naar Cascades NP zijn, zoals origineel gepland, maar, vanwege het tijdverlies, Mount Rainier SP waar we op de White river campground zouden gaan staan. Onderweg een tankstop bij een soort roadhouse. Daar koffie en zo . Vraagt een HD-rijder of die motor van Veerle een Shovelhead of een Panhead is!!!! Je hebt Harleyrijders en mensen die op een Harley rijden omdat het stoer is!!!!!!! We komen hoger en hoger en het wordt kouder en kouder maar ook steiler en steiler. ik rijd al geruime tijd in m'n 2de versnelling. Dan ga ik niet harder, wil ik niet harder, dan 30mijl. De motor houdt dat goed uit en je komt toch boven. Veerle heeft natuurlijk best moeite met in welke versnelling te rijden. Ik spreek af met vingers op te steken in welke versnelling ik rijd en dan moet ze maar zien en aanvoelen. Aldaar aangekomen doet de automaat die de entree voor het park moet innen het niet. Oké door rijden dan maar. Het regent en het is berekoud. Niet prettig voor Ingrid die moeite heeft zich zelf warm te houden. Dat systeem werkt slecht door de medicijnen. IK ZET DE TENTEN OP EN WE GAAN WAT ETEN MAKEN DAT WE BIJ DAT ROADHOUSE HADDEN GEHALD. dAARNA GESLAPEN. IK HAD HET DONS NIET GOED VERDEELD in mijn slaapzak en daardoor had ik ook een niet al te warme nacht. De volgende ochtend inpakken en wegwezen! Mijn motor wil niet starten. De lagesnelhedensproeier staat te rijk. Armer gezet en naar beneden laten rollen en lopen. We vertrekken en de Grand Coolee-,dam zou onze eind bestemming zijn maar door een onheldere afslag komen we op een verkeerde weg. Ik vermoedde het al en besloot te gaan tanken en te informeren bij het eerste dorp dat we tegen kwamen. Royal City heette dat dorp en daar stopten we om boodschappen voor vanavond te halen. ik vroeg aan een mevrouw of er hier een camping in de buurt was. Nee, misschien bij de golfclub, of bij ons in de tuin. Dat vonden we het beste idee dat Sharon , zo heette de vrouw, in jaren had gehad. Zo gebeurde het en we stonden op hun grasveld en Veerle kookte voor ons allen. Ook ontmoetten we daar Toos Loos die uit Brabant kwam en slecht Amerikaans sprak voor iemand die er al 40 jaar woont. Nu zijn we in Halfway Oregon, maar dat hoor je nog. De motoren gaan redelijk, maar gister in Hells canyon verloor ik de moer van m'n zijspan wiel en daar heb ik geen spare one van bij me. Slangen klemmen tot bij een Japanse motorzaak oid. Groet Ingrid, Veerle en Paul |


